|
|
|
|
Schaamte(Gedeeltelijke bron: Vrij van schaamte, van pijn naar levenskracht. John Bradshaw, ISBN 90-202-6001-4) Schaamte is in beginsel een normale menselijke emotie. Het houdt ons binnen onze menselijke grenzen, door ons te vertellen dat we fouten kunnen en zullen maken en dat we soms hulp nodig hebben. Maar schaamte als gezonde, menselijke emotie kan verworden tot schaamte als
zijnstoestand. Als zijnstoestand neemt schaamte je hele identiteit over. Wanneer
je identiteit gebaseerd is op schaamte, denk je dat je diepste wezen geschonden
is en dat je als mens tekortschiet. Schaamte ontstaat in dit leven in de jeugd. Dit gebeurt wanneer je als kind keer op keer het signaal uit je omgeving krijgt dat er geen ruimte is om te zijn wie je bent. Op dat moment wordt je reeds gedwongen om een persoonlijkheid te vormen die wel voldoet aan de verwachtingen van je omgeving: het 'aangepaste zelf' . Als je in het gezin waarin je opgroeide geen uiting mocht geven aan bijvoorbeeld boosheid (maar dat gaat ook op voor andere emoties), ben je van je boosheid vervreemd geraakt. Dat betekent dat elke opwelling van boosheid je confronteert met vergiftigende schaamte. Je moet dat deel van jezelf dan ontkennen of losmaken en beschikt niet over een manier om de emotionele kracht van boosheid weg te laten vloeien. Boosheid is namelijk de energie waarmee je je in stand houdt en beschermt. Zonder deze energie word je iemand die anderen voortdurend naar de mond praat: een 'pleaser'. Naarmate je gevoelens, behoeften en verlangens sterker verbonden zijn met schaamte, raak je meer en meer van jezelf vervreemdt. De onderdrukte delen van jezelf projecteer je vervolgens in relaties met anderen, waardoor je er keer op keer indirect mee wordt geconfronteerd en de herinneringen van schaamte zich opbouwen. Deze losmaking en vervreemding van delen van jezelf geeft een gevoel van onwerkelijkheid, een allesoverheersend besef er nooit helemaal bij te horen maar een buitenstaander te zijn die door een raam naar binnen kijkt. Schaamte is ook een bron voor verslavingen. De drang achter elke verslaving komt voort uit uit de overtuiging dat je als mens tekort schiet. De inhoud van de verslaving, of dat nu een verslaving is aan het gebruik van bepaalde middelen of aan bepaalde activiteiten (werk, kopen, gokken) is de poging een intieme relatie tot stand te brengen - de workaholic heeft een liefdesrelatie met zijn werk, de alcoholist met de fles. Elke verslaving verandert de stemming, om het gevoel van eenzaamheid en pijn in de zwakke plek van de schaamte maar niet te voelen. Elke uiting van verslaafdheid heeft schadelijke consequenties en roept natuurlijk weer meer schaamte op. Die nieuwe schaamte voedt de verslaving, en zo ontstaat een vicieuze cirkel. De cyclus begint met de valse overtuiging die alle verslaafden hebben, de overtuiging dat niemand van je kan houden zoals je bent. Je kunt beperkende schaamte alleen helen als je uit je schuilplaats tevoorschijn komt. Om haar te kunnen veranderen, moet je haar aanvaarden. 'De enige weg naar buiten voert erdoorheen', is een bekend therapeutisch gezegde. Het is belangrijk dat je contact maakt met die delen in jezelf die pijnlijk zijn, en vaak verdrongen. Tot slot kan ik er over zeggen dat er moed voor nodig is om mens te zijn,
omdat we alleen mens kunnen zijn als we erkennen dat we onvolmaakt zijn. De moed
om onvolmaakt te zijn geeft de aanzet tot een manier van leven die zich kenmerkt
door humor en spontaniteit. |
|
Dit is geen commerciële site. De afbeeldingen,
nieuwsberichten, gedichten, enzovoorts worden zoveel mogelijk met toestemming
van de auteur geplaatst. |